Ga naar de inhoud

Groningen ik schaam mij

Wat is een gemeente? Wat is een stad?
Wat blijft er over van wat een burgemeester in zijn handen had
en plots gedwongen naast zich neer moest leggen.
Wat blijft er over van een man
die altijd zei: het ambt en niet de drager.
Binnen een paar dagen
ging het van gerucht tot erger, lager dan ik dacht
dat Stad in zich had. Hoe kan dat?


Een stad die viert:
paarse vrijdag, roze zaterdag
Een stad die de straten met vlaggen versiert
maar op maandag de graffiti van ‘t regenboogzebrapad
moet poetsen.
Dat in 2023 op vermoedens en vooroordelen rondom homoseksualiteit
een politiechef kan handelen, recht of wetboek ten spijt
de uitvoerende macht die wetgevend lijkt
een geheim rapport dat bij nader inzien openbaar blijkt
een verklaring die nooit getekend is
één getuige en de rest is geschiedenis

Aan het Zuiderdiep wees ik ooit zo trots
de gevel van het Dagblad aan
voor vrienden en familie. Waar is de rots
die journalistiek is in de branding van het politieke spel?
Waarom blijft het nog altijd zo stil in de pers na alle hijgerige koppen
Niet iedereen leest de Nieuw Rotterdamse Courant
In Stad en Ommeland
dit is geen noaberschap
waar blijft de collectieve verontwaardiging
dat een goed mens ten onder ging?



Als niemand weet wat er precies gebeurde
is het aan ons rechtssysteem
We moeten die rechtsgang blijven bevragen 
als dit de gang van zaken blijkt.
Maar wat ik het meest betreurde
is wie er stilletjes verdween.
De mens. Niet het ambt.
De man die kon huilen om een kinderboek
of lachen om een flauwe grap. Dat geopereerde hart
dat wagenwijd openstond voor Stad.

Groningen, ik schaam mij
Ik wil geen lofdicht over Stad meer schrijven
tot elke Groninger een eerlijk proces kan krijgen
waarin je onschuldig bent tot het tegendeel bewezen is
Een Groningen waarin iedereen, ongeacht afkomst of geaardheid of religie
werkelijk veilig is.

28 januari 2026 – het laatste Stadsgedicht door Esmé van den Boom